Profiel

Regelmatig wordt ons de vraag gesteld, wat er zo bijzonder is aan het onderwijs op onze school. Dat is maar zeer beperkt in woorden samen te vatten, maar het is vooral tastbaar als men door de school loopt en kijkt wat er gebeurt. 

De Leidse instrumentmakers School (LiS) is in elk geval een vakschool in het mbo, waar alle deelnemers een vierjarige beroeps-opleidende leerweg (BOL-4) volgen in de precisietechniek. De afgestudeerden vinden zonder noemenswaardige problemen een uitdagende werkkring in de hightech precisie-industrie in het gehele land, bij Nederlandse kennisinstituten zoals TNO en in de ontwikkelingswerkplaatsen van Nederlandse onderzoeksinstituten en universiteiten. Zij zijn zeer gezocht door deze afnemers en spelen een belangrijke rol in Research & Development door hun hoge niveau van vakkennis, vakbekwaamheid en creativiteit. 

De hightech en precisietechniek-industrie in Nederland kent een aantal belangrijke spelers die voortdurend moeten vernieuwen om tot de wereldtop te kunnen behoren. Er worden steeds complexere bewerkingstechnologieën geïntroduceerd, op een telkens kleinere schaal, van micrometers tot nanometers en de laatste jaren ook picometers! Om deze partners te kunnen voorzien van adequaat opgeleide instrumentmakers vertaalt de LiS deze trends naar een uitgekiend opleidingsprogramma, waarbij de leerlingen kennis maken en vertrouwd raken met de nieuwste technologieën en technieken. Dit is een belangrijke uitdaging waarvoor de LiS zich al jaren ziet gesteld.

De LiS is zo een plek waar je bijzondere (vak)kennis en vaardigheden opdoet. Maar ook een plek waar je je persoonlijk ontwikkelt, je sociaal vormt en leert wat het betekent om deel te nemen aan de veeleisende moderne maatschappij, die meer vraagt dan alleen vakkennis. Loopbaanlessen zijn daarvoor van belang, maar de school biedt meer. Bij de LiS krijgt de student vanaf leerjaar twee de kans om rechtstreeks in contact te komen met klanten uit wetenschappelijke kring, die bij de LiS iets specifieks willen laten maken; of met mensen uit bedrijven die iets willen ontwikkelen waarvoor ze zelf onvoldoende capaciteit hebben.

De LiS levert graag excellente prestaties, rechtstreeks aan en nauwgezet afgestemd op het afnemend veld van bedrijven en instellingen. Alle activiteiten zijn er daarom op gericht om het niveau van de afgestudeerden op het door deze partijen gewenste peil te houden en innovaties snel te integreren in het onderwijsprogramma.

Daarnaast heeft de school oog voor excellente studenten die extra onderwijs aangeboden krijgen en zich kunnen profileren in uitdagende afstudeerprojecten. Met het oog hierop hebben de LiS en de hogeschool Inholland met inbreng van het bedrijfsleven een concept onderwijsprogramma ontwikkeld op hbo-niveau, dat naadloos aansluit op de huidige vierjarige mbo-niveau 4 opleiding. Deze hbo-opleiding gaat in het studiejaar 2017-2018 van start. 

De school herbergt tevens een Centrum voor Innovatief Vakmanschap. Dit centrum, mede mogelijk gemaakt door overheidsinvesteringssubsidies, is gericht op de sector Life Sciences & Health. Dit heeft ertoe geleid dat veel projecten op het gebied van medische precisietechniek in het onderwijsprogramma konden worden geïntegreerd. Recentelijk is de LiS door middel van een subsidie uit het regionaal investeringsfonds mbo ertoe in staat gesteld haar werkveld in de precisietechniek voor astronomie en ruimtevaart uit te breiden.

Onderwijs is, zeker in het mbo, sterk ingekaderd door documenten zoals kwalificatiedossiers en kwaliteitsafspraken. Die zijn zeker nodig om te zorgen voor de juiste uitgangspunten, maar zo mogelijk nog belangrijker is de cultuur die ontstaat tussen student en docent. En die wordt in een goede onderwijsomgeving vooral gestalte gegeven door bevlogen onderwijspersoneel, van laag tot hoog. In onze school is er vooral sprake van een echte praktijkcultuur. Hier leer je het vak door het vooral veel te doen, ruim 50% van de totale onderwijstijd (ca. 5000 uur in vier leerjaren, 25% boven de wettelijke norm) is daarom praktijkgericht.

Veel onderwijsinstellingen vullen die praktijk in op de stageplaats en zeer beperkt in school, maar bij de LiS is dat anders. Daar ga je pas op stage als je het vak in de praktijk op basisniveau beheerst. Daarom staat deze school ook zo vol met kostbare apparatuur en machines, maar liefst met een vervangingswaarde van ca. €9 miljoen. Dat is een zeldzaamheid voor een school met deze omvang.

De LiS heeft in haar 115 jarige bestaan veel ervaring opgedaan met de Leerling-Gezel-Meester (LGM) route. Sinds de introductie van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) is het Meesterniveau formeel uit het mbo-bestel verdwenen en is het mbo-niveau 4 diploma Research Instrumentmaker (RI) het hoogst haalbare.

De LiS gaat hierin echter graag een stapje verder en beschouwt afgestudeerden, die na hun opleiding een aantal jaren in de school hebben bijgedragen aan onderwijs en andere activiteiten, als Gezel. Formeel hebben deze medewerkers een aanstelling als Technisch Onderwijs Assistent (TOA). Ze vervullen met hun voorbeeldrol een onmisbare schakel in de LiS-onderwijsformule. De LiS is voornemens om studenten die na hun RI-diploma enige jaren naar tevredenheid gewerkt hebben als LiS TOA, bij het beëindigen van deze meestal tijdelijke aanstelling een certificaat Gezel mee te geven. Daarmee hebben ze een streepje voor bij hun vervolgcarrière.

Het Meesterniveau is moeilijker realiseerbaar in de huidige mbo-setting. In nauwe samenwerking met huidige bezitters van de Meester Instrumentmakers-titel willen wij mogelijkheden verkennen om deze titel weer in te voeren.

Wat tevens uniek is, is de betrokkenheid van wetenschappelijke kringen bij onze school. De school is in 1901 ontstaan omdat hoogleraar Heike Kamerlingh Onnes vakmensen nodig had voor het realiseren van zijn wetenschappelijk werk. Nog altijd bevinden er zich in het bestuur van vrijwilligers wetenschappers die het hoge niveau van de school helpen te behouden, vooral omdat ze bij hun wetenschappelijk werk zoveel steun hadden aan de afgestudeerden die deze school voortbrengt.