Kom kennismaken op 7 januari 2020

Meld je nu aan voor de Open Dag

Start hier je studiekeuze! Oriënteer je breed en maak kennis met de opleiding tot Research Instrumentmaker.

Agenda
Nieuws
6 november Winnaar MBO Techniek-prijs

(Oud-)studenten Imre Bakker en Rick Simons hebben de MBO Techniek-prijs toegekend gekregen voor hun afstudeerproject 'Innovatie op het gebied van nano rovers'. Zij ontvingen deze prijs tijdens het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartfondsgala. 

Lees meer op de website van het luchtvaartfonds.

Meer ...
4 oktober Studenten profiteren van samenwerking

Ruim 80.000 studenten in het beroepsonderwijs profiteren van publiek private samenwerking. MBO- en HBO-onderwijsinstellingen en bedrijven weten elkaar steeds vaker en beter te vinden in publiek private samenwerking (pps) om de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt te verbeteren. Het aantal bedrijven dat intensief samenwerkt met het beroepsonderwijs in het mbo en hbo is in sinds 2016 gestegen van 6.000 naar 9.800, een groei van 58% in twee jaar. Daar profiteren zo’n 84.000 studenten van. Dit blijkt uit een impactmeting van Katapult, een netwerk van samenwerkingsverbanden tussen beroepsonderwijs, bedrijfsleven, onderzoek en overheid. LiS TOP, waaronder het CIV “Life Sciences & Health” en de RIF “Instrumentation for Space” vallen, is de PPS organisatie van de Leidse instrumentmakers School, en is onderdeel van KATAPULT

Echte problemen
In de provincie Zuid Holland zijn maar liefst 56 publiek-private samenwerkingsverbanden, waaronder RIF Instrumentation for Space en CIV Life Sciences & Health, waar partners als Airbus DS, Herseninstituut, Holland Rijnland, ISIS, Leidse instrumentmakers School, Lens R&D, LUMC, SRON, Surge on Medical, TNO, TU Delft, van Straten Medical en VUMC samenwerken. Omdat de studenten met “echte problemen” uit het veld aan de slag moeten weten ze ook meteen waarvoor ze het doen. Dit is een belangrijke motiverende factor bij het in de praktijk brengen van de door hen op school opgedane kennis en kunde. De link tussen de theorie en de praktijk wordt hierdoor voor de studenten veel inzichtelijker. Voor de partners is het, naast een interessante screening voor nieuw personeel, ook een aantrekkelijke manier om problemen die ze tegenkomen bij de uitvoering van hun werk op te lossen. Voorbeelden hiervan zijn: de ontwikkeling van chirurgische tools om nieuwe operatie technieken mogelijk te maken en een nieuwe testopstelling voor sensoren zodat er nu meerdere sensoren tegelijkertijd getest kunnen worden. Naast deze praktische aspecten zorgt de samenwerking tussen bedrijven, instellingen en scholen ook voor vernieuwing in het onderwijs, waar de partners graag bij meehelpen.

Figuur 1: test opstelling voor zonsensoren zoals ontworpen door de studenten van de LiS voor Lens R&D (credit: Lens R&D)

Goed gekwalificeerde mensen reden voor meer deelname bedrijven
De belangrijkste motivatie voor bedrijven en werkveldpartners om deel te nemen in een pps is in de meeste gevallen de noodzaak tot goed gekwalificeerd toekomstig personeel. Daarnaast realiseren bedrijven zich dat het beroep fundamenteel verandert, en zien zij het onderwijs als een manier om dit beroep en hun vakgebied samen vorm te geven. Bedrijven voelen zich, meer dan voorheen, actief en intensief betrokken bij curriculumontwikkeling en onderwijsinnovatie. In het mbo geldt leven lang ontwikkelen voorts als belangrijke deelnamereden, terwijl binnen het hbo de toegang tot praktijkgericht onderzoek zwaar weegt.

42% pps-en gericht op cross-sectorale uitdagingen
De door het kabinet geformuleerde maatschappelijke uitdagingen – zoals energietransitie en veiligheid – worden in het onderwijs steeds belangrijker. Dit vraagt ook om meer samenwerking met het bedrijfsleven voor goede leeromgevingen met kennis over het stimuleren van innovatie en het ontwikkelen van nieuwe technologieën. Uit de impactmeting blijkt dat maar liefst 42% van de pps-en zich nadrukkelijk richt op deze cross-sectorale uitdagingen. De high tech sector is het sterkst vertegenwoordigd met maar liefst 97 pps-en verspreid over Nederland, zoals het Field Lab Shared Smart Factory, gevestigd in de voormalige Philips armaturenfabriek in Emmen, die toegankelijk is voor de kleinere bedrijven zoals startups en MKB bedrijven.

Hans de Jong, President van Philips Nederland: “Er kán en móet meer
Hans de Jong, President van Philips Nederland en vice-voorzitter van FME, juicht de groei van het aantal pps-en toe, maar tegelijkertijd is hij ook kritisch: “Er kán en móet meer. We staan als land voor enorme maatschappelijke uitdagingen. Het antwoord op deze uitdagingen is elkaar opzoeken. We hebben iets ontdekt en gecreëerd wat écht werkt. Bedrijven die nog niet actief zijn in een pps, roep ik dan ook op om zelf in actie te komen. Want alleen met veel meer bedrijven die écht samenwerken met het onderwijs kunnen we genoeg talent opleiden voor onze innovatie-samenleving.”

Overheidsbeleid stimuleert samenwerking
De groei van het netwerk is mede te danken aan stimuleringsmaatregelen vanuit zowel regionale als landelijke overheden. Provincies zien de meerwaarde van de infrastructuur die door pps-en ontstaat voor de regionale arbeidsmarkt. In Noord-Nederland investeren regionale overheden in de pps GAS 2.0 waarmee men vakmensen opleidt voor de energietransitie. Provincie Flevoland ondersteunt de Bio Academy. En in de Zaanstreek werken overheden aan de realisatie van een ZaanCampus voor techniek. Al deze initiatieven die mede vanuit het Techniekpact worden aangejaagd dragen bij aan een innovatiever beroepsonderwijs.

Over Katapult
Katapult is een netwerk van meer dan 300 samenwerkingsverbanden tussen onderwijs en bedrijfsleven en groeit continu. Doelstelling is om de samenwerking tussen onderwijs, bedrijfsleven en overheid te verbeteren. Met als doel het opleiden van jongeren met de juiste skills zodat zij kunnen instromen op de arbeidsmarkt. Dit gebeurt bijvoorbeeld door professionals uit het bedrijfsleven die lessen verzorgen. Of door studenten die tijdens hun opleiding onderzoek doen voor een MKB-bedrijf. Er participeren inmiddels 84.000 studenten, 9.800 bedrijven en 5.000 docenten in deze samenwerkingsverbanden, ook wel Centers of expertise, Centra voor innovatief vakmanschap en pps-en in het beroepsonderwijs. Katapult is onderdeel van Platform Talent voor Technologie. Meer informatie: www.wijzijnkatapult.nl

Figuur 2: Uitreiking van de André Kuipers Ruimtevaartprijs aan de studenten van de LiS voor de door hun ontworpen en gebouwde zonsensor-testopstelling. (credit: Frank Molster)

Meer ...
23 september Oud-student laat LiS ruim 0,2 miljoen euro na

De Leidse instrumentmakers School (LiS) heeft een nalatenschap ontvangen ter waarde van ruim 0,2 miljoen euro. De erfenis, nagelaten door oud-student en meester-instrumentmaker Pieter Leemans (1925-2017) wordt ondergebracht in een Fonds op Naam, het De Nobel-Leemans Fonds. Uit dit fonds worden moderne machines voor het bewerken van metalen en andere materialen aangeschaft, zodat  onze studenten werken met de nieuwste precisie­technieken. De school is enorm dankbaar.

Pieter Leemans is geboren en getogen in Leiden waar hij na de ambachtsschool in 1943 aan het Kamerlingh Onnes Laboratorium begon met de opleiding tot instrumentmaker. In 1948 behaalde hij het prestigieuze Meester diploma. Hij werkte toen al bij het Fysisch-Elektronisch Laboratorium van TNO op de Waalsdorpervlakte in Den Haag, waar hij tot zijn pensionering bleef. Vele jaren gaf hij daar leiding aan de ongeveer 40 instrumentmakers (waarvan de helft met het Meester diploma) die daar werkten. Van bijzonder grote betekenis voor TNO is zijn mechanische constructie van moderne radarsystemen geweest.

Met de LiS behield hij een langdurige band als lid van de examencommissie. Daarbij heeft hij zich door het ontwerpen van nieuwe examenwerkstukken voortdurend ingezet voor de verbetering en kwaliteit van het vakmanschap.

Hij is nooit getrouwd geweest en leidde een sober en betrekkelijk eenzelvig bestaan. Zijn grootste hobby was het verzamelen, restaureren en ontwerpen van mechanische en elektronische speeldozen.

Pieter Leemans (l) en collega Boogert bij de doppenponser (1944)

Meer ...
27 mei Documentaire 'The future is handmade'

Leiden wil een kennisstad te zijn en Nederland profileert zich graag als kenniseconomie. Prachtig, vindt archeoloog Maikel Kuijpers, maar het begrip kennis is veel te eng gedefinieerd. „Kennis is niet alleen op de universiteit te halen. Ook voor handwerk is heel veel kennis nodig. We moeten vakmanschap veel meer gaan waarderen.” Daarom maakte Kuijpers een minidocumentaire over ’craft’, die onlangs verscheen: The future is handmade.

In april spraken archeoloog Maikel Kuijpers en directeur van de LiS Godelieve Bun over de speciale band tussen wetenschap en vakmanschap. Lees het artikel in het Leidsch Dagblad.

Meer ...